Omdat er wel 100 varianten zijn van het dominospel staan hieronder de basis Domino spelregels en Domino speluitleg voor alle Domino spellen beschreven: dubbel 6, dubbel 9, dubbel 12 en dubbel 15.

Spelbegin:

Domino speel je met minimaal twee spelers en maximaal vier spelers. Alle stenen worden met de waarden naar beneden op tafel gelegd en geschud. Elke speler trekt 5 stenen en stelt deze zo op dat ze niet zichtbaar zijn voor de andere spelers. De speler met de hoogste dubbel-steen (bv. 6:6 of 5:5) mag beginnen. Hij of zij legt een steen op tafel en indien geen van de spelers een dubbelsteen heeft, moet er opnieuw worden geschud.

Aanleggen van stenen:

De tweede speler moet een passende steen aan de openingssteen aanleggen. Een steen is passend als het aantal ogen op de helften die tegen elkaar worden gelegd dezelfde zijn. De volgende speler moet aan één van de uiteinden weer een passende steen aanleggen en zo verder. Per beurt mogen de spelers slechts één steen plaatsen. Blanke stenen zonder punten passen alleen aan blanke stenen. Kan een speler aanleggen dan is hij verplicht aan te leggen. Dubbel-stenen dienen altijd dwars te worden aangelegd, zodat er nieuwe aanlegmogelijkheden bijkomen.

Einde van het spel:

Bij een dominospel wat gespeeld wordt met de basis spelregels heeft de speler die al zijn of haar stenen heeft weggespeeld gewonnen. Indien aanleggen niet meer mogelijk is, nadat alle stenen op zijn, zodat er geen nieuwe stenen kunnen worden getrokken, is het spel ook ten einde. In dat geval wint de speler met de minst overgebleven punten.

Puntentelling:

De winnaar krijgt de punten van de overgebleven domino-stenen van alle spelers, verminderd met de punten van zijn eventuele eigen overgebleven stenen. Wie als eerste 100 punten heeft is de winnaar.